Corporate Stories

Berichten uit de wonderlijke verhalenwereld van Theo Hendriks

No Story, No Glory!

laat een bericht achter »

Zaterdagochtend 3 maart, kwart voor twaalf. Mijn ogen scannen de tijdschriftenschappen bij de Bruna, op zoek naar maar een ding: de nieuwe Penthouse. Zodra ik hem ontwaar, wil ik hem direct uit het schap trekken, maar er staat een vrouw naast me, dus wacht ik even. Als ze weg is, pak ik het blad en lees ik een voor een de headlines. Ik zie mezelf er niet tussenstaan. Maar binnenin, bij de inhoudsopgave, zie ik het meteen: No Story, No Glory! Ik krijg het er warm van.

Het idee was begin januari door de uitgeverij in de mail aan me voorgelegd. Of ik van mijn nieuwe boek een voorpublicatie wilde in de Penthouse.  Doelgroep en lezersprofiel pasten perfect op elkaar. Ze hadden goede ervaringen met eerdere voorpublicaties in Penthouse en, ik moet zeggen, die zagen er gelikt uit. Ik zei meteen ja, en vond het een hele eer. Maar daarna begon er toch iets te knagen…

Afgelopen week zei mijn Saskia ineens tegen me: “weet je of je al in de Penthouse staat?” De schrik sloeg me om het hart, want daar had ik nog niet aan gedacht. Ik heb nog nooit van mijn leven een Penthouse gekocht. Vroeger, thuis, hadden we de leesmap, met daarin De Lach. Heel veel verder dan dat ben ik niet gekomen. Hoe moest ik in godsnaam controleren of en zo ja hoe ik in dat blad stond? Moest ik de uitgever bellen en het daar aan vragen? “Je moet er gewoon bij de Albert Heijn doorheen bladeren, dan weet je het meteen,” zei Sas. Ik zag me al midden tussen de huismoeders met kinderen door de Penthouse bladeren. Afkeurende blikken, kinderen die bij me werden weggehaald, en misschien nog wel erger. “Maar dan koop je hem toch gewoon?” En dat leek me uiteindelijk een betere oplossing. Niet in de Albert Heijn – denk nu aan uitgestalde boodschappen op de band, met daartussenin pontificaal de Penthouse, de covergirl zichtbaar voor iedereen - maar, iets discreter, bij de Bruna.

En zo geschiedde. Thuis heb ik het artikel snel doorgenomen. Ze hebben hoofdstuk 2 vrijwel in zijn geheel overgenomen, en er iets heel moois van gemaakt. Het ziet er prachtig uit en je kunt ook nog een gratis exemplaar winnen door een mailtje te sturen. En het mooiste is: ik ben nu een gepubliceerd auteur van de Penthouse! Mijn nieuwe boek ligt nu nog bij de drukker, het is er over twee weken. Als je niet kunt wachten en alvast wilt genieten van een sneak-preview, koop dan de Penthouse en geniet alvast van al het moois dat er in dit maartnummer is te vinden.

Met de komst van No Story No Glory, was dit ook de laatste post op dit blog. Ik verhuis naar www.theohendriks.nl. Als je een van mijn volgers was, kun je me daar gewoon achtervolgen door opnieuw je emailadres in te vullen.

Geschreven doorTheo Hendriks

3 maart 2012 op 14:14

Geplaatst in Uncategorized

De bank die zichzelf blijft

laat een bericht achter »

Gouden Rembrandttoren (foto: Onnoot)Vrijdagavond 7 oktober, zes uur. We zijn op de 32e verdieping van de Rembrandttoren in Amsterdam op de slotceremonie van de Talentmanagementweek van Rabobank International. Zestien deelnemers uit Polen, Ierland, Brazilie, Chili, Australie, Nieuw Zeeland en de USA zitten in loungebanken. ze zijn omringd door het Rabo-management en door alle mensen die ze tijdens hun reis door Nederland deze week hebben ontmoet. Een reis langs veehouders, kwekers, lokale banken en het hoofdkantoor die in al die ontmoetingen het verhaal van de bank vertelt. Ontstaan, toekomst en heden in een oer-Hollands drieluik gepresenteerd. De volgende dag zullen de meeste van hen weer naar huis terugaan. Maar eerst gaan ze de aanwezigen hun persoonlijke Rabobank verhaal vertellen. Net zoals Jochem de Bruin dat jaren geleden in een commercial deed.

Woensdagavond en donderdagochtend heb ik ze onderhanden mogen nemen om ze dat eigen verhaal zo goed mogelijk te laten vertellen. Door het persoonlijk en dichtbij te houden, en door ze te laten vertellen wat Rabobank voor ieder van hun betekent. Aan het eind van de sessie op donderdag heb ik ze een belangrijke tip meegegeven: geniet morgenavond van iedere seconde dat je aan het vertellen bent. Nu is het zover. Bijna iedereen heeft zijn oorspronkelijke verhaal aangescherpt, alleen de Ierse Celine heeft een compleet ander verhaal uit de hoed getoverd. Anderen hebben belangrijke details toegevoegd. Het feit dat je zelf bent opgegroeid op een farm of ranch maakt de verbinding met Rabo heel goed te leggen. Net als op de oefenochtend eindigt Marc de rij met verhalen. Zijn verhaal begint op een grote ranch in de bush in het Zuidoosten van Australie. Als zestienjarige kijkt hij naar een commercial op tv. Hij ziet op tv een grote auto een terrein oprijden. Een jongeman in een wit overhemd stapt uit en omhelst de farmer. Vader en zoon. De laatste heeft een carriere in de financiële sector opgebouwd na een studie economie. Hij werkt bij een bank. ’Dat wil ik ook,’ zegt Marc tegen zichzelf. De rest is geschiedenis.

Het mooie van de zestien verhalen uit alle hoeken van de wereld was niet alleen dat je de vertellers met de seconde zag veranderen in inspirerend leiders. Het was vooral de reactie bij het publiek die liet zien dat de Rabobank overal ter wereld staat voor coöperatief denken, langdurige relaties en bouwen aan vertrouwen. Niet transactiegedreven maar klantgedreven. ’Een wereldspeler die zichzelf blijft,’ zei de voice-over even later tijdens tegen me toen ik in de auto naar een Rabobank commercial luisterde. Precies, dacht ik, zo is het maar net.

In de olie, aan het gas

laat een bericht achter »

Midden in de zomer waren mijn Bex*collega Marieke en ik in Stavanger, de oliestad van Noorwegen. Dankzij het contact dat we in Wenen hadden gelegd met Marleen Laschet, directeur communicatie, waren we uitgenodigd door VNG Norge om een workshop storytelling te komen verzorgen. De afspraken waren al in mei gemaakt, half augustus zouden we komen.

Op maandag 25 juli, drie dagen na de aanslagen, belde Marleen me op. Of we nog wel durfden komen. Ik lachte, maar zij meende het. Noorwegen was geschokt, de weg kwijt. Wilde iemand uit het buitenland nog wel naar een land komen waar zulke dingen gebeurde? Ik stelde haar gerust en zei dat de plannen wat ons betreft onveranderd bleven.

Drie weken later waren we in Stavanger, na een dubbele vliegreis met SAS. De hele dag en avond vlogen de helikopters van en naar de boorplatforms op zee. Marleen had voor ons een persoonlijke rondleiding door het plaatselijke Oliemuseum geregeld. Tijdens de tour, die bijna twee uur duurde, leerden we het geheim van Noorwegen kennen: het rijkste land van Europa, met een olie- en gasvoorraad die op heel slimme wijze wordt geëxploiteerd, door de Noren zelf. Anders dan bij ons, gaan zij spaarzaam om met de door hun verdiende rijkdommen. De trots was er niet minder om: we kregen het verhaal te horen van een flatgebouw van 64 verdiepingen waar je bovenop met een heel lang rietje probeert de cola uit een flesje te zuigen dat helemaal beneden staat. Op een diepte van 800 meter diep boren zij naar olie, en ze vinden het. Indrukwekkend, maar het mooiste moest nog komen.

‘s Avonds maakten we kennis met het MT. VNG Norge is de Noorse tak van een van oorsprong Oost-Duits gasbedrijf, dat na de eenwording als en speer verzelfstandigd verder ging. Hun strategie was gebaseerd op het simpele gegeven dat ze zo snel mogelijk af moesten van hun totale afhankelijkheid van het Russische gas. En dus zochten zij een partner in het Westen. Nederland zei nee, maar Noorwegen niet. En dus vestigden ze daar halverwege de jaren negentig van de vorige eeuw hun bedrijf. Vanaf 2006 boort VNG Norge zelf naar olie en gas.

Toen de Duitse directeur van de Noorse vestiging zich voor het eerst op het Noorse Ministerie van Olie en Gas meldde, kreeg hij van de minister de vraag: ‘kunt u mij uw bedrijfsstrategie vertellen?’ De Duitser schraapte zijn keel en zette een oud Noors piratenlied in. De minister liep paars aan maar glimlachte toen ineens de zin voorbijkwam: “Wij zijn de Rovers, de Rovers uit het Noorden. Wij roven in het Oosten, wij roven in het Westen.” Vele jaren later is dit lied bestempeld als het VNG Strategielied. Het is het openingslied in het dikke VNG Norge Sangbok.

De volgende dag was de workshop gevuld met verhalen over het zoeken naar olie en gas. Maar tussendoor waren er ook de verschrikkelijke verhalen van het drama van 22 juli. Iedereen kent wel iemand, die erbij betrokken was. Of, zoals een nationaal gedicht zegt: ‘We zijn in dit land maar met weinigen. Iedere gevallene is een broer of vriend.‘ Aan het eind van de workshop kregen we het Sangbok mee. De corporate story een verbindend lied, de corporate story als nationaal gedicht. Zo kan het ook.

Laatste nieuws: begin november reizen Marieke en ik opnieuw af naar VNG Norge om daar workshops storytelling te geven. Deze keer verblijven we in Oslo.

The Voice of Holland

laat een bericht achter »

Bij Bex* is het een goede gewoonte dat onze trainers en coaches niet alleen deelnemers trainen en coachen, maar dat ze af en toe ook zelf op trainingskamp gaan. Deze keer kregen we een workshop van Mariska Wessel over stem en stemgebruik. En daar was ik als storyteller eerlijk gezegd wel aan toe. De dag ervoor had ik twee vertelsessies geleid bij de Universiteit Utrecht (in het prachtige Academiegebouw aan het Domplein) en de dag erop zou ik in Rotterdam bij EURIB een gastcollege verzorgen binnen de Masteropleiding. Het leek wel een collegetour. En niet dat er sprake was van een poliep op een van mijn stembanden, maar ontegenzeggelijk was mijn stem een beetje moe, hij kon best wat verzorging en begeleiding gebruiken. Mariska kwam dus als geroepen.

Ze nam me mee in de wonderlijkwe wereld van de stem, inclusief een aantal schokkende anatomische tekeningen, waar ik nooit echt wijs uit wordt. Ze had een PowerPoint, waarop een ademende borst en buik was te zien, er was een dwarsdoorsnede van het spraakkanaal, inclusief die twee elastiekjes, onze stembanden. Mariska had het over “tits and teeth”. Ze sprak over ademsteun en stemprojectie, over het belang van al onze holtes en over het belang van ons middenrif. We voelden het, we begrepen het, maar het onder controle krijgen was weer een heel ander verhaal. Daarna gingen we oefenen. Probeer maar eens een ‘m’ of een ‘n’ te maken met een dichtgeknepen neus. De leukste oefening vond ik dat ik me moest voorstellen met een speelgoedautootje over de vloer te rijden en ondertussen met losse lippen het motorgeluid na te doen. Brrrrrrrrrrrrrrrrrrm, brrrrrrrrrrrrrrrm, brrrrrrrrrrrrrrrrrrm! De varierende toonhoogte maakte het alemaal nog veel leuker.

De volgende ochtend probeerde ik in mijn auto onderweg naar Rotterdam enkele ademhalingsoefeningen. Daarna zong ik lekker mee met de meezingers van The Arcade Fire. Het gastcollege ging als de brandweer, een heerlijke ochtend vol verhalen en goede vragen. ‘s Avonds keek ik naar The Voice of Holland. Ik zag de juryleden eerst intens luisteren naar de stemmen van de kandidaten, voordat ze drukten. Ik keek en luisterde naar de beheersing van al die talenten die al jarenlang gewend zijn met zanglerearen en stemcoaches te werken. De workshop met Mariska smaakte wat mij betreft dan ook zeker naar meer.

Betty Asfalt serveert

laat een bericht achter »

Met verhalen kun je de meest ingewikkelde zaken letterlijk dichterbij halen. En vaak schijnt daardoorheen dan vaak ineens een even briljante als eenvoudige oplossing. Mooie theorie maar hoe doe je dat dan? Afgelopen dinsdag was het een zonnige dag, een beetje zomer aan het begin van de herfst. Ik was te gast op de heidag van Delta Lloyd Leven. Een heidag midden in het centrum van Amsterdam. Mijn beide opdrachtgevers Klaas en Chris hadden een dijk van een programma in elkaar gedraaid, en daarbij een wel heel bijzondere locatie gevonden: het befaamde Betty Asfalt Complex, thuis en toeverlaat van Dominee Gremdaat en Margreet Dolman. Ruim vijftig medewerkers waren bij elkaar gekomen voor een wel heel mooie opdracht: het handen en voeten geven aan de strategie door deze treffend te verwoorden en te verbeelden.

Gewapend met fototoestellen troken ze in groepjes de stad in om ’s ochtends foto’s te maken die de pijlers van de strategie verbeelden. In de middag was er ruimte voor het verwoorden. Na een Masterclass gingen de groepen aan de gang met het maken van een spannend verhaal over de strategie. Met als tip: laat alles vooral niet gaan zoals gepland, maar zorg voor de nodige obstakels en tegenslag. Juist om te laten zien dat het niet eenvoudig is om zomaar even de ingesleten patronen te doorbraken.

De verhalen die die middag verteld werden, gingen over echte mensen van vlees en bloed, vaak medewerkers, die het anders gingen doen. De door iedere groep zelf geselecteerde foto’s vertelden een eigen verhaal, precies op de manier zoals het bedoeld was: treffend en raak. De woorden en beelden zorgden ervoor dat de uitdaging voor Delta Lloyd Leven ineens een stuk dichterbij kwam. Het werd voorstelbaar, en daarmee bereikbaar. Niet door uit te zoomen, afstand te nemen en de abstracte werkelijkheid van verzekeren nog verder te abstraheren, maar juist door in te zoomen op het kleine, het bijzondere, het buitengewone, en te laten zien wat er vanaf morgen anders kan. Juist met al die kleine verhalen kun je de grootste strategie daadwerkelijk tot leven wekken.

Surprise d’eau

laat een bericht achter »

Afgelopen dinsdag was ik de slotspreker tijdens de Nationale Workshop van het Inttitute for Independent Business (IIB). De workshop was in het clubhuis van de Tilburgse Golfbaan Prise d’eau. Al direct bij binnenkomst vroeg ik mij af wat die naam precies betekende en hoe de club er aan was gekomen. Iets met water, veel verder kwam ik met mijn schoolfrans niet. Het was de Prinsjesdag, de dag waarop onze minister van Financiën zwaar weer voorspelde. Op de golfbaan, en op de parkeerplaats van de golfbaan was daar bitter weinig van te merken.

De middag bestond uit een aantal presentaties en parallelsessies, waarbij de aanwezigen werden geïnsprireerd met nieuwe ideeën, nieuwe denkbeelden en modellen uit recent verschenen boeken over strategisch management. De wat mij betreft meest in het oog springende presentatie ging onder andere over een recensie van Hans van der Loo van het boek Beyond Performance van Scot Keller en Colin Price. Het feit dat deze twee Xcel-keizers van McKinsey een lans breken voor het versterken van de softskills is bijzonder. wat mij betreft was de quote van de dag: “een leider met een helder en overtuigend veranderverhaal vergroot de kans op het halen van zijn doelstellingen met 370%.” Now we’re talking!

Wat me de rest van de middag bleef bezighouden, was de fascinatie voor de naam. Een dag later hielp mijn Tilburgse collega Peter me uit de brand. De grond waarop de golfbaan is aangelegd behoort tot het grondwaterbeschermingsgebied van de Tilburgsche Waterleiding Maatschappij (TWM). Een voormalig bestuurder vond dat Tiburgse leidingwater zo lekker, dat hij besloot het te gaan bottelen. Het bronwater, dat uit dezelfde pompinstallatie als het kraanwater kwam, verkocht hij onder de naam Prise d’Eau, wat Frans is voor zowel bron, waterwinplaats als waterkraan. De naam was van orgine een merk van Bavaria. Zo kreeg Brabant haar eigen Perrier, Pellegrino of Vittel. Naast water had deze bestuurder nog een andere hobby: golf. De rest is geschiedenis. Dat geldt ook voor de TWM, die in 2006 haar activiteiten onderbracht in Brabant Water. Zo zie je maar dat werkelijk achter iedere naam vaak verrassende verhalen schuilgaan.

Geschreven doorTheo Hendriks

26 september 2011 op 11:56

Horen, zien, zeggen

laat een bericht achter »

Horen, zien, en toch zeggenDe eerste zaterdag van september, negen uur in de ochtend. Vier mannen staan in  de drukkerij van Lenoirschuring in Amstelveen, net op de dag dat het stralend weer is . Hun taak: 2.000 stofomslagen om boekjes vouwen, 2.000 hulsjes om de boekjes met stofomslag leggen en vastplakken. De boekjes zijn zo groot als een iPhone; alles past op een pallet. Maar bij het openmaken van de eerste doos met plano stofomslagen, krijg ik het toch even te kwaad. Waar zijn we in godsnaam aan begonnen?

Maar eigenlijk weet ik dat dondersgoed. Dit is de allerlaatste etappe van een wonderschoon traject: de ontwikkeling van de corporate story van SIRE. Het begon met een goed gesprek tussen een Bex*directeur en een SIRE directeur. Daarna kwam ik in beeld. En omdat ik  in een grijs verleden ooit zelf heb mogen meewerken aan een SIRE-campagne tegen huiselijk geweld, wist ik meteen. Dit verhaal moet er komen. En ik ga het schrijven.

De zoektocht naar dat verhaal bracht me in gesprek met enkele oprichters van destijds, met  bestuursleden en oud bestuursleden en met de makers van een van de recente campagnes. De jongste was misschien halverwege de twintig, de oudste al ver in de tachtig. Toch vertelden ze bijna hetzelfde verhaal. Een verhaal over een bijzonder initiatief dat er is om Nederland net een beetje beter te maken. Door mensen een spiegel voor te houden, ze wakker te schudden en in beweging te zetten. Dat doet SIRE nu al bijna 45 jaar. Het verhaal liet zich snel schrijven, de meelezers zorgden voor goede aanscherping en uiteindelijk lag er een  echt SIRE-verhaal met als titel: horen, zien, zeggen. Een mooi verhaal over een mooi initiatief. Te mooi om het alleen als tekst te laten verstoffen.

Eerst heb ik een bevriend ontwerper benaderd: Bert Meijer van Bureauvijftig uit Utrecht. Samen met hem, en vergezeld door Pim Slierings van SIRE, trokken we naar Arie Lenoir van LenoirSchuring. Ze deden mee. Een paar maanden later was er een pracht van een eindresultaat. Een boekje om stil van te worden, strak vormgegeven en mooi gedrukt en afgewerkt. Een cadeautje. Over een initiatief dat het verdient om nog tientallen jaren zo door te gaan.

Die zaterdag hebben we de hele dag staan vouwen en plakken, alsof ons leven er vanaf hing. Arie had voor brood en beleg gezorgd, en voor plakpistolen. Aan het eind van de dag waren we een heel eind gekomen. De corporate story wordt meegezonden met het jaarverslag 2010. En er is maar een manier om er ook eentje te bemachtigen: gewoon, door donateur te worden van SIRE.

Geschreven doorTheo Hendriks

22 september 2011 op 11:38

Accenture aan de Amstel

laat een bericht achter »

Enkele dagen geleden mocht ik spreken op een interne bijeenkomst van Accenture Nederland. Onderwerpen waren onder andere leiderschap en storytelling. De organisatie had die twee onderwerpen heel mooi aan elkaar gelinkt, en daarvoor een prettige locatie uitgekozen: de Spiegelzaal van het Amstel Hotel in Amsterdam. Via een wonderlijke koppeling op twitter werd ik uitgenodigd om te komen spreken. Ik moest me vooral richten op corporate storytelling, voorafgaand aan mijn masterclass waren ze met iemand anders bezig. Die ander was, zo bleek een paar dagen later, niemand minder dan Gijs Scholten van Aschat. En omdat hij de spreker voor mij was, en ik de laatste, beschouwde ik hem als mijn voorprogramma. En uit mijn bandtijd weet ik nog heel goed: niets is zo erg als door jouw voorprogramma te worden weggespeeld.

Terwijl ik me voorbereidde in de Tuinzaal (ze hadden mij in een andere zaal gezet, een kleinere) kon ik door een kier meegenieten van het verhaal van Gijs. In zijn verhaal koppelde hij leiderschap aan een aantal koningen zoals hij ze dankzij Shakespeare tot leven had gewekt. Zijn verhaal was meeslepend, maar op het moment dat hij een monoloog uit een van de koningsdrama’s voordroeg, werd zelfs nog beter. Zestig aanwezige Senior Executives hingen ademloos aan zijn lippen. En terecht. Zijn verhaal werd met een klaterend applaus beloond, Gijs boog als een ware acteur, hij bedankte nog net niet de techniek.

Daarna was het pauze. Ik controleerde voor de laatste keer mijn sheets, zette twee glaasjes water neer, en wat hoestbonbons, want de zomers in Nederland zijn ook niet meer wat ze ooit waren. De zaal was stampvol, de brug die gemaakt werd was een mooie (‘Jullie weten nu alles van verhalen, het wordt tijd dat ieder van ons dat ook over Accenture gaat vertellen Daarvoor is Theo hier.’) De lat lag hoog, maar toen ik eenmaal begonnen was, was ik die al snel weer vergeten. Ook ik mocht anderhalf uur later een klaterend applaus in ontvangst nemen. En ik merkte dat ik ook een beetje begon te buigen, als een heuse acteur. High Performance. Delivered!

Let’s get digital!

met één reactie

Een tijdje geleden schreef ik hier over de geboorte van de door mij geschreven corporate story van XS4ALL. Ik beloofde toen dat als die ‘live’ zou gaan, ik de link ernaartoe met je zou delen. Na maanden wachten en – eerlijk is eerlijk -  soms ook wat narrig bellen, kreeg ik dinsdag ineens een mailtje in mijn inbox van Rozemarijn, de brand manager van XS4ALL. Met daarin de link naar een teaser, een  link naar het verhaal, en een link naar haar blogpost over the making of dat verhaal.

Ik ben met de eerste begonnen, en als ik jou was, zou ik dat ook doen. Ik wist niet wat ik zag. Het schijnt html5 te heten, en het ziet er geweldig uit. Toen ik doorklikte, zag ik het verhaal zoals jullie dat ook kunnen zien. Het is precies wat we destijds hebben bedacht, alleen dan tien keer mooier. Alle deeplinks zijn anekdotisch, en vertellen weer nieuwe kleine verhaaltjes. Verhalen die we vaak uit de twintig vertelsessies hebben opgevist. En dat er dan afgelopen week ook nog een twitterwedstrijd aan vast zat, maakte de introductie van deze corporate story helemaal de digitale moeite waard.Je kunt nog meedoen, en je kunt er een heuse robot mee winnen. Uiteraard zijn eigen medewerkers en medewerkers van het bureau van deelname uitgesloten. Jammer, maar helaas.

Er wordt heel veel gepraat en geschreven over digital storytelling. En nog meer wordt onder die spannende noemer als storytelling gebracht. Filmpjes op YouTube, pagina’s op Facebook en zelfs een verzameling tweets bij elkaar lijken een (veelal narcistisch) verhaal te vertellen. Maar zijn het echt verhalen van vlees en bloed? Ik ben het daar maar zelden mee eens. Sterker nog, ik was er zelfs een tikkie afkerig van. Maar nadat ik dinsdag het digitale verhaal van XS4ALL heb gezien, ben ik om. Foursquare, here I come,  Ik wacht nu met smart op de uitnodiging van Google Plus. Waar blijft die? Want ik ga me er helemaal instorten. Let’s get digital!

Geschreven doorTheo Hendriks

17 september 2011 op 14:11

Smoke on the water

met één reactie

The Lake Geneva shorelineDinsdagmiddag 4 mei. Ik zit op een bankje aan de oever van het meer van Genève. Prachtige namiddag, stralend weer. Net vriendjes geworden met 4 dames van een mogelijke nieuwe klant. Ze wilden iets met storytelling, maar wisten nog niet zo goed wat. Ik heb mijn eerste ‘capabilities presentation’ verzorgd (wie is Bex*, wat is storytelling, drie cases en veel ruimte voor een goede discussie) De trip is betaald, de uren mag ik in rekening brengen, maar ik heb ze een refund beloofd als we echt met elkaar in zee gaan. Betaalde acquisitie in een pracht van een glazen gebouw met uitzicht op dat meer.

Ik vertel over onze kantoren in Amsterdam (bekend) en Eindhoven (onbekend). Maar Philips kennen ze juist weer heel goed. Aan het eind van het gesprek klinkt iets door over een corporate story, in verband met een verandertraject dat op komst is. Of we ook Engelse voorbeelden hebben van door ons geschreven verhalen. ‘Ja,’ zeg ik, en denk aan de verhalen die we voor Holland Bloemenland, Martinair en Right to Play hebben geschreven. Stom dat ik ze niet bij me heb. Ik beloof ze later toe te sturen. Dat helpt.  

Stephanie, de Communication Director, heeft het laatste nummer van het blad Communication Director doorgespit. Daarin staat een goed verhaal met de klinkende titel The Sweet Smell of Brand Success. Een artikel over de mogelijke gereedschappen die je kunt inzetten om jouw merk onvergetelijk te maken.  Ook storytelling wordt hierin ruimschoots geproclameerd, flink ingefluisterd door Bex*. Ook dat helpt. De meeting is precies om half vier afgelopen, mijn gastdame Stacey is heel tevreden. Volgens haar is het zaadje geplant. Ik ben benieuwd.

Ik sta op en loop langs het meer naar het centrum van de stad. Luxe hotels, dure winkels. Naar het station om daar de trein te nemen naar het vliegveld. Even voel ik me een volleerd international businessman. Maar als ik de man voor me – strak in het pak, bepakt en bezakt met een laptopkoffer, een hoofdtelefoon met microfoon op het hoofd, een pda in de andere hand – op de roltrap druk gebarend een gesprek zie voeren, ben ik blij dat het bij Bex* allemaal nog wel meevalt. Straks nog iets eten, kijken of ze hier ook goede boeken hebben en dan snel terug met de KLM naar Amsterdam. Bij de gate staat de blauwe Embraer 190 al klaar voor vertrek. Klokslag acht uur meldt de captain zich met het verzoek voor 2 minuten stilte. De beide motoren blijven gelukkig aan.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.